verpleegster loopt door lege gang ziekenhuis

Lessen uit de hart- en vaatzorg voor post-covid19-organisatie

Bron: Skipr

Zorg voor real-time informatie en transparantie in processen, gebruik die voor afstemming en besluitvorming en beperk onnodig managementoverleg. Ga uit van het professionalisme en vooral leiderschap van artsen en verpleegkundigen. Dat heeft de hartzorg door de coronacrisis geholpen en dat zou nu eigenlijk het nieuwe normaal moeten zijn, maar het vraagt focus en energie om daar nu streng op te sturen.

Zo bleek tijdens de online inspiratiesessie ‘Hart- en vaatzorg post-COVID, los uit de wurggreep van corona’, georganiseerd door artsen en managers van de hart- en vaatcentra van het St. Antonius Ziekenhuis, Catharina Ziekenhuis, MUMC+ en Universiteit Maastricht in samenwerking met Medtronic. Het zijn de conclusies van Frits van Merode, hoogleraar Logistiek en operations management in de zorg aan Maastricht UMC+ / Universiteit Maastricht, na de praktijkverhalen uit de ziekenhuizen. Van Merode hekelt de ‘vuilnisbak-besluitvorming’ in gezondheidsorganisaties: alle managementoverleg, echelonafstemmingen en commissies. In plaats daarvan pleit hij voor dagelijks doorpakken en verbinden. Iedere morgen kort overleg en dan – hup – aan de slag. Dat is precies wat tijdens de coronacrisis gebeurde in de centra van het St. Antonius, Catharina en MUMC+. “Sense of urgency leidt tot grote besliskracht in de organisatie”, zegt Van Merode. “De combinatie van leiderschap van zorgprofessionals en regulier management heeft dit mogelijk gemaakt. Dat moeten we vasthouden, al vraagt dat een omslag in denken.”

Dashboard

Voorwaarde voor die andere manier van werken is een goed overzicht van wachtlijsten en de prioritering daarvan, en het monitoren van de dagelijkse patiëntenstroom. Het St. Antonius Ziekenhuis creëerde hiervoor samen met Medtronic een dashboard, zo vertellen cardioloog Lucas Boersma en zorgmanager Wouter van Maarseveen. Daarmee prioriteren zij de ingrepen op basis van de urgentie vanuit de dokter en die volgens de wetenschappelijke verenigingen. Zo weten zij bijvoorbeeld of een patiënt binnen 24 uur of binnen een week of langer moet worden opgenomen. Dit systeem blijkt ook nu cruciaal in de opschaling van de zorg naar de regels van de anderhalvemetersamenleving. Een belangrijke les die Boersma en Van Maarseveen de afgelopen weken hebben geleerd, is dat je moet inzetten op ketensamenwerking. De hele keten moet zicht hebben op de wachtlijsten. Tegelijkertijd was het een uitkomst dat de dagbehandeling en het cathlab in coronatijd onafhankelijk van het ziekenhuis konden werken. Dat gaf flexibiliteit omdat ze niet afhankelijk waren van bedbezetting in patiëntenstromen in het ziekenhuis. “We konden in relatieve eenzaamheid onze productie draaien”, aldus Lucas Boersma. Bij een eventuele tweede virusgolf zal het ziekenhuis dus ook weer zo schakelen.

 

Go/no go

Al voor de coronacrisis werkte het MUMC+ met Medtronic aan een lean six sigma-achtig optimalisatietraject gericht op het AF-ablatiezorgpad, zo vertelt cardioloog Dennis den Uijl, waarbij alle medewerkers (cardiologen, verpleegkundigen, planners, IT'ers, noem maar op) werden betrokken. Het bleek een uitkomst sinds COVID-19 uitbrak en de capaciteit schaars werd. De kern zit hem in een uniform proces en een go/no go-moment vroeg in het proces: de patiënt praat met de elektrofysioloog voordat de rest van het traject wordt ingeslagen. Door dit moment vroeg in het proces te plaatsen, kan gezorgd worden dat schaarse capaciteiten op de juiste manier worden ingezet (‘First Time Right’). De afspraken die daarna volgen, worden georganiseerd volgens het one-stop-shop principe, dus allemaal op dezelfde ochtend of middag. Het levert uiteindelijk de patiënt een kortere behandeltijd op en veel duidelijkheid door goede communicatie vooraf over de patient journey die volgt. De cijfers zijn indrukwekkend, zo laat Den Uijl zien. Zowel voor de patiënt als voor het ziekenhuis. Zo daalt het aantal ziekenhuisbezoeken met ablatie met een derde en het aantal consulten bij de cardioloog met bijna de helft. Volgens berekeningen worden zo jaarlijks 370 cardioloogplekken vrijgespeeld. Dat is ongeveer 52 spreekuurdagdelen. Er is ook wel een punt van aandacht bij lean werken, zo geeft Den Uijl aan. “Als één patiënt op het laatste moment afzegt, hebben op dat moment vier specialismen niks te doen.”

Tactische planning

Het Hart- en Vaatcentrum (HVC) van het Catharina Ziekenhuis in Eindhoven lag in het hart van de corona-uitbraak en de impact op de cardiologische zorg was groot, vertellen directeur Jeroen van Tilburg en voorzitter van het hartcentrum cardioloog Tim Simmers. Zo ging een kwart van de capaciteit van de hartkatheterisatiekamer (HCK), een deel van de OK, de dagbesteding op de Hartlounge en de helft van het personeel naar de zorg voor COVID-19-patiënten. Door de zorg op de HCK te blijven zien als spoed/urgent en door te werken volgens blauwdruk – prioriteren op basis van urgentie en beschikbare capaciteit – en de Hartlounge optimaal faciliterend aan de HCK in te zetten, kon het Catharina het aantal procedures tijdens de coronacrisis voor ongeveer tachtig procent laten doorgaan. Tactische planning om beschikbare capaciteit optimaal in te kunnen zetten, bleek een van de succesfactoren. De veranderingen worden nu ingezet om te kijken hoe – binnen de regels van de anderhalvemetermaatschappij – het ontstane stuwmeer kan worden opgelost en hoe kan worden ingespeeld op een mogelijke tweede COVID-19-golf. Dit gaat ook bepalen welke aanpassingen op de zorg in het HVC definitief worden.

WILT U MEER WETEN OVER WAT WE KUNNEN DOEN OM UW ZORGORGANISATIE TE HELPEN?