INSTRUCTIES EN HULP

U gebruikt uw DBS-patiëntenprogrammeerapparaat (afstandsbediening) om uw therapie in of uit te schakelen en om de batterijstatus te controleren. Mogelijk kunt u ook de stimulatie aanpassen, binnen de grenzen die door uw arts zijn bepaald.

  • Uw arts of verpleegkundige laat u zien hoe u het patiëntenprogrammeerapparaat moet gebruiken. Neem contact op met uw arts als u meer hulp wenst of als u vragen heeft.
  • U krijgt een handleiding met gedetailleerde instructies.


AAN DE SLAG

  • Weet wat u moet doen als u een waarschuwing of alarmmelding krijgt.
  • Begin met het aanleren van de eenvoudige basiswerking van uw patiëntenprogrammeerapparaat.
  • Leer na verloop van tijd ook de werking van de andere functies van uw patiëntenprogrammeerapparaat.
  • Houd het patiëntenprogrammeerapparaat altijd bij u.


VERSCHILLENDE MODELLEN

Er zijn drie modellen van het patiëntenprogrammeerapparaat.

  • DBS-patiëntenprogrammeerapparaat voor Activa®-neurostimulatoren;
  • Access Review-patiëntenprogrammeerapparaat voor de Soletra®-neurostimulator;
  • Access-patiëntenprogrammeerapparaat voor de Kinetra®-neurostimulator.

WAARVOOR DIENEN DE KNOPPEN?

U bedient het patiëntenprogrammeerapparaat door op knoppen te drukken. Op de afbeelding ziet u de belangrijkste knoppen van het DBS-patiëntenprogrammeerapparaat dat wordt gebruikt met de Activa-neurostimulatoren. Alle knoppen op uw patiëntenprogrammeerapparaat worden uitgelegd in de handleiding.

DBS-patiëntenprogrammeerapparaat met labels
  1. Hiermee schakelt u de therapie in en uit.
  2. Hiermee controleert u de status van de batterij van de neurostimulator.
  3. Druk op de pijlen omhoog of omlaag voor de menuopties. Druk op pijlen naar links of rechts voor meer opties.
  4. Hiermee verhoogt of verlaagt u de instellingen voor de therapie (indien ingeschakeld door uw arts).
  5. Hiermee schakelt u het patiëntenprogrammeerapparaat in of uit.

WAT BETEKENEN DE SYMBOLEN?

In de handleiding worden de symbolen uitgelegd die op het scherm worden weergegeven. De tabel geeft een kort overzicht van de meest gebruikte symbolen op het DBS-patiëntenprogrammeerapparaat dat gebruikt wordt met de Activa-neurostimulatoren.

Symbool Definitie
Programmeerpictogram 1

De therapie staat AAN.

Programmeerpictogram 2

De therapie staat UIT.

Programmeerpictogram 3

De batterij is in orde.

Programmeerpictogram 4

De batterij is bijna leeg.
NB: DIT GELDT NIET VOOR DE OPLAADBARE NEUROSTIMULATOR (ACTIVA RC).

Programmeerpictogram 5

Bel uw arts. De batterij van de neurostimulator is bijna leeg. Binnenkort geeft de neurostimulator geen therapie meer af.
NB: DIT GELDT NIET VOOR DE OPLAADBARE NEUROSTIMULATOR (ACTIVA RC).

Programmeerpictogram 6

Bel direct met uw arts om een vervangingsoperatie te laten plannen.
De batterij van de neurostimulator is aan vervanging toe en uw neurostimulator geeft geen therapie meer af.


HANDLEIDING EN BEKNOPT OVERZICHT

Lees de handleiding van uw patiëntenprogrammeerapparaat voor meer informatie over het gebruik, onderhoud en het oplossen van problemen van uw apparaat. Als u een Activa-neurostimulator heeft, heeft u waarschijnlijk ook een beknopt overzicht met afbeeldingen van uw apparaat ontvangen.

Waar u de handleidinge kunt krijgen:

  • U ontvangt de gedrukte handleiding van uw patiëntenprogrammeerapparaat van uw arts.




U dient de informatie op deze site niet als vervangend medisch advies te beschouwen. Indien u twijfels heeft over uw gezondheid of een gezondheidsadvies nodig heeft, dient u contact op te nemen met uw arts of professioneel zorgverlener.